Europe - Asia - Africa - Overland
  • Home
  • Who we are
  • The Trip
  • The Car
  • Charity
  • Contact
  • Blog

Tanzania

26/4/2014

7 Comments

 
We hadden een week voor Tanzania en moesten in die tijd van noord naar zuid rijden om Chris op 25 april op te halen in Mbeya. We twijfelden of we de westelijke of de oostelijke route zouden doen en besloten om het te vragen bij de douane. De vrouwelijke douanebeambte was heel duidelijk; het moest de oostelijke route worden, ook al was dat meer kilometers, omdat de wegen daar veel beter waren. We wilden naar 1 park in Tanzania en dat werd nu Ruaha National Park, waar we goede verhalen over hadden gehoord en ook onze voorkeur had.

Eerste stop was Kahama waar het keihard begon te regenen dus we moesten op zoek naar een hotel. We vonden een geschikte die helaas vol bleek maar de eigenaar was zo vriendelijk om voor ons uit te rijden en ons naar een andere goede verblijfplaats te brengen. Daar aangekomen hebben we hem een drankje aangeboden en hebben we leuk gediscussieerd over de situatie in Rwanda, de rol van M23 in Congo en andere politieke issues in landen waar we doorheen waren gereden. Daarna viel het licht (zoals zo vaak gebeurt in Afrika) uit en hebben we onder het geraas en de diesellucht van de generator een hapje gegeten.

De volgende dag reden we naar Dodoma, de hoofdstad van Tanzania. Inmiddels plannen we van tevoren niet meer waar we gaan verblijven want we merken dat het altijd wel goed komt. Zo ook hier waar we aan de rand van de stad een guesthouse vonden bij een vriendelijk vrouwtje die alleen Swahili sprak. Haar naam was Happy :-). De voetbal die we in Khartoem hadden gekocht werd uitgeladen en met het zoontje van Happy hebben we een balletje getrapt. Wiep heeft een Feyenoord shirtje aan hem gegeven waar hij uiteraard erg blij mee was, ook al was het een paar maatjes te groot.

We only had 7 days in Tanzania and in these 7 days we had to drive from north to south to pick up Chris in Mbeya on the 25th of April. We were not sure whether to take the western or the eastern route and decided to get information about the roads at the border. The lady we asked was very clear about it and advised us to take the eastern route covering more kilometres but on much better roads. We wanted to go to one National Park in Tanzania and this would be Ruaha National Park which we preferred anyway.

Our first stop was Kahama. It started to rain heavily so we had to find a hotel. We found a good one but it was fully booked. Fortunately the manager was a very friendly guy and he brought us to another place where we had some drinks with him. We had some interesting discussions about the current situation in the African countries we had passed, and especially about the current situation in Rwanda and Congo. There was a power cut down as happens so often in Africa so we had dinner with the smell and sound of a big diesel generator next to us.

The following day we drove to Dodoma, the capital of Tanzania. Now that we’d been travelling for a while in Africa we had stopped planning where to stay and as this turned out never to be a problem. We now found a guesthouse at the edge of the city that was run by a friendly lady who hardly spoke any English and introduced herself as Happy :-)
. We played some football with her son using the football we bought in Khartoum and Wiep gave him a Feyenoord t-shirt which made him very happy of course although it was a bit oversized. 

De volgende dag bereikten we een camping vlakbij Ruaha National Park  dat moeilijk bereikbaar bleek en waarvoor we 100 kilometer over zeer matige wegen moesten rijden.

The next day we arrived at a campsite near Ruaha National Park which was not easy to reach and took a drive of about 100 kilometres on very bad roads. 
Het park was fantastisch met volop Baobab bomen, maar ook open vlaktes en dicht bosgebied. We hebben gamedrives gemaakt met gids Suwedy die al jarenlang ervaring had in alle parken van Tanzania maar Ruaha verreweg het mooiste vond. Het doel van 1 van de ochtenden was nu eindelijk eens een luipaard te zien, die veel voorkomen in Ruaha. Tijdens een eerdere trip in Zuid-Afrika -die eigenlijk de pilot was voor deze reis- hadden we daar in twee parken elke boom afgezocht totdat we nekpijn hadden maar zonder succes. We reden naar het bosachtige gebied waar de kans het grootste is ze te zien. Na een paar uur rondgereden te hebben leek het niet te lukken en reden we met een wat hogere snelheid naar een plek die Suwedy getipt had gekregen van een collega en waar zich leeuwen bevonden. Toen zag Wiep plotseling in de struiken langs de weg toch een luipaard staan!! Ali zette de auto snel achteruit en we hadden een fantastisch zicht op dit mooie dier.

Hieronder onze beste foto’s uit Ruaha, de beelden spreken voor zich...

The park was great and had many Baobab trees, but also open plains and dense forest areas. We did some gamedrives with guide Suwedy who was very experienced and had worked in all the national parks in Tanzania but like Ruaha the best. The goal of one of the gamedrives was to spot a leopard that is abundant in Ruaha. At another trip in South Africa –which was the pilot trip for this adventure- we inspected every tree there was in two park until our necks hurt to look for a leopard but we were not successful. We went to a forest area to increase our chances of seeing one. After a couple of hours we almost gave up and speeded a bit to go and see some lions that Suwedy heard off from a colleague. But then Wiep suddenly saw one at the side of the road!! Ali quickly put the car in reverse and we had a fantastic view on this fascinating animal.

Here are our best pictures we took, we think no further comment is necessary..
Picture
Picture
We waren bijna de enigen in het park maar later kwamen we de Nederlander Bart tegen met zijn Engelse vriendin Vicky, die ons uitnodigden bij hen op de binnenplaats te verblijven in Iringa. De ouders van Bart waren er ook omdat ze hem 3 weken opzochten en we hebben een gezellige avond met hen gehad. Bart en Vicky deden beiden vrijwilligerswerk in Tanzania maar met name Bart had het daar helemaal mee gehad omdat het volgens hem onmogelijk is iets blijvends op te bouwen… Daarnaast haalde ook hij hetzelfde verhaal aan dat we al vaker hadden gehoord, namelijk dat de mensen die het echte ontwikkelingswerk verrichten een minimale vergoeding krijgen, terwijl de managers van de NGO’s een luxe leventje leiden.

We were almost the only ones in the park but later we met Bart, a Dutch guy with his English girlfriend Vicky, who invited us to stay at their compound in Iringa. Bart’s parents were visiting him for a couple of weeks and we had a nice evening with them. Bart and Vicky were both volunteers in Tanzania but Bart got tired of it since he felt it was impossible to build up something that would last for a longer time… He told us the story that we had heard a couple of times before now about NGO managers earning a lot of money and living a luxurious life, while the people who are in the field and do a lot of work don’t get the rewards for this.



We gingen door naar Mbeya, waar we met een gevulde koelkast precies op tijd op het vliegveld aankwamen om Mzungu Chris op te halen. Een beter onthaal had hij zich niet kunnen wensen! We konden verblijven op de binnenplaats van een hotel en na kwartier gemaakt te hebben kon het eerste biertje gedronken worden. Niet veel later werden we uitgenodigd om deel te nemen aan een videoclip, die op dat moment opgenomen werd en al dansend stonden we, met een camera op ons gericht, midden in een gospelgezelschap. Aangezien het koningsnacht was had Chris oranje attributen en oranjebitter meegenomen en we hebben het goed gevierd.

De volgende ochtend zijn we doorgereden naar Karonga, de grensovergang met Malawi.

We drove to Mbeya after filling our fridge with food and cold beers. We were exactly in time at the airport where Mzungu Chris got a warm welcome! We stayed on a grass field at the compound of a hotel, put up our tents and had a few beers and a few laughs J. We were soon invited to join a gospel group who were recording a video clip and before we knew it we were dancing with them so by now we are famous in Tanzania.
Since it was King’s night in The Netherlands Chris brought orange party stuff and an alcoholic beverage called Oranjebitter so we had a good celebration.

The following day we drove to Karonga, to cross the border to Malawi. 
Picture
7 Comments

Oeganda & Rwanda

17/4/2014

4 Comments

 
Na het ontbijt met Lorianne, Papa Moses en Mama Margaret reden we richting de grens met Oeganda. Aan de Keniaanse kant werden we letterlijk bestormd door 10 man die allemaal onze fixer wilden zijn. Allemaal probeerden ze met hun eigen gebaartjes op te vallen en zo onze aandacht te trekken. Omdat we inmiddels wel weten hoe het werkt bij grensovergangen, wilden we het liever zelf regelen. We ontkwamen er uiteindelijk toch niet aan dat een mannetje, die vond dat hij ‘gewonnen’ had, constant met ons meeliep, ook al hadden we hem gezegd dat we hem niets zouden betalen. Het papierwerk ging soepel. Aan de Oegandese kant wilde een verzekeringsbedrijf ons een autoverzekering aansmeren, die absoluut noodzakelijk zou zijn volgens de nieuwe regels in Oeganda. We hadden echter al een verzekering met ook geldigheid voor Oeganda, dus daar trapten we niet in. Een check bij een verkeersagent die er heel cool uitzag in een helemaal wit pak bevestigde dat onze verzekering in orde was. We konden op pad in Oeganda! De wegen waren gelukkig een stuk beter, want we hadden het wel een beetje gezien met de vele potholes en bumps in Kenia. We reden in 1 keer door naar Kampala, naar Red Chilli, een hele relaxte plek met zwembad aan de rand van de stad.

De bijnaam van Oeganda is de parel van Afrika en we begrijpen nu waarom; wat een ongelooflijk mooi en groen land. Het was ook duidelijk dat we in de tropen waren beland, want ’s nachts werd alles wat we niet terug in de auto hadden gelegd nat. En als eenmaal iets nat was, was het zo goed als onmogelijk om het weer droog te krijgen.

’s Avonds hebben we Ali’s verjaardag nog een keer dunnetjes gevierd zodat we de volgende dag met een katertje op pad moesten om een en ander te regelen: kleren wassen, olie verversen en nieuw oliefilter plaatsen, luchtfilter schoonmaken, ventiel laten fixen en een ophangpunt van de uitlaat laten lassen want die was wat los getrild. Verder voorraden inslaan bij een supermarkt. Allemaal prima te doen in Kampala, dat overkwam als een behoorlijk welvarende stad met een relaxte sfeer. De Oegandezen bleken ook een enorm aardig volk te zijn en een praatje met ze maken was vaak hilarisch. Standaard krijg je als antwoord op een vraag bijvoorbeeld “no” te horen, maar als je het nog een keer vraagt is het antwoord opeens “yes”, of andersom. We hadden nog wel een dagje willen blijven in Kampala, maar de gorilla’s waren geboekt dus we moesten door.

After breakfast with Lorianne, Papa Moses and Mama Margaret we drove to the border with Uganda. At the Kenyan side 10 guys surrounded us before we knew it and tried to get our attention. As we were experienced now we wanted to arrange everything ourselves but of course there still was a guy who insisted to assist us, although we told him this was not necessary and we wouldn’t give him any money.. Things went smoothly but at the Uganda side an insurance company tried to sell us a car insurance, which was necessary according to the new rules, they said. We didn’t believe it and had our insurance papers checked by a very cool looking traffic policeman in a completely white outfit. He told us our insurance was fine so we could enter Uganda! Fortunately the roads in Uganda were a lot better, we were a bit fed up with the many potholes and bumps in Kenya. We drove to Kampala and stayed at the nice place Red Chilli with a swimming pool, located at the edge of the city.

Uganda’s nickname is the pearl of Africa and now we know why; the country is extremely green and beautiful. We experienced we were in tropical area now as everything we left outside of the car was wet the following day and towels wouldn’t dry anymore.

In the evening we celebrated Ali’s birthday again, this time with some alcoholic beverages so we had a bit of a hangover the next day. We went into town to arrange our laundry, do some shopping, refresh the oil and oil filter, clean the air filter, have the valve of the tyre fixed, and have the suspension moulded which got a bit loosened by all the bad roads.

It was no problem to arrange these things in Kampala, which looked well developed and had a relaxed atmosphere. Ugandans turned out to be very friendly people and it was often hilarious to have a chat with them. For example almost every question was answered with a “no”, but if you asked again the answer was suddenly “yes”, or the other way around. We would have liked to stay a bit longer in Kampala but had to leave as we had booked a gorilla trekking. 

Picture
We reden in 1 dag naar Queen Elizabeth National Park, waar we ook weer diep in de buidel moesten tasten om onze auto het park in te mogen rijden. We verbleven op de camping middenin het park zonder omheining. We kookten met gezelschap van een Marabu en toen het donker was, zagen we het eerste nijlpaard al langslopen op een meter of 50 afstand. ’s Nachts kwamen ze heel dichtbij de auto, zodat we konden meegenieten van het geluid van afscheurend gras en malende kaken. Ook hoorden we een olifant voorbij komen, cewl and awesome!

De volgende ochtend hebben we een gamedrive gemaakt en daarna de mooie ‘Crater route’ gereden, over zeer steile, moeilijk begaanbare weggetjes, om uit te komen aan de rand van de vulkaankraters waar de uitzichten geweldig waren. ’s Middags een boottrip op de rivier gemaakt waar we fantastische vogels, vele hippo’s, buffalo’s en nog veel meer hebben gezien. Er leven duizenden nijlpaarden op een kort stuk rivier en het blijft altijd weer fascinerend ze van dichtbij te zien. De boot voer ook heel dicht langs ze waardoor ze soms nogal geïrriteerd en dus behoorlijk actief waren.

De volgende dag om 5.30 uur opgestaan om de kans op het spotten van leeuwen te vergroten en we hadden succes! Daarna door naar het zuiden van het park dat nog mooier was dan het noorden. Hier komen bomenklimmende leeuwen voor maar we hebben ze niet gezien. Vanuit hier reden we via een hele groene route langs grote theeplantages naar Bwindi Impenetrable National Park, waar we de gorilla trekking hadden geboekt. We waren een dagje eerder dus we konden rustig aan doen. We verbleven op de community campsite vlakbij het registratiekantoortje voor de trekking. Regelmatig was er een forse tropische bui en net zo snel was het weer droog.
Picture
We drove to Queen Elizabeth National Park where a large amount of money had to be paid only to get our car inside the park. We stayed at the campsite that was in the middle of the park and unfenced. We cooked with the company of a Marabu and soon saw a hippo passing about 50 meters from us. At night they were much closer and we could hear them tearing of and chewing grass. An elephant also passed, we liked it a lot.

The following day we did a game drive and drove the scenic “Crater route” taking very steep and challenging small roads to have great views when we reached the edges of the craters. In the afternoon we did a boat trip and saw many special bird species, hippos, buffaloes and a lot more. Thousands of hippos live in a short part of the river and it’s always fascinating to see them from nearby. Our boat approached them to a short distance that annoyed them a bit so they were very active.

The next morning we got up at 5.30am to increase our chances of spotting lions and we were successful! Then we drove to the south of the park that was even nicer than the north part. Tree climbing lions live here but we did not see them, unfortunately. We continued our drive to Buhoma in the Bwindi Impenetrable Park taking a very green and scenic route, passing huge tea plants. We stayed at the community campsite near the office where we had to register for the gorilla trekking that we had booked a couple of months ago. We could take it easy as we arrived a day earlier than planned. There was some heavy tropical 
rain now and then, but they were short. 
Picture
In Oeganda zijn we de evenaar gepasseerd! (evenals meerdere keren in Kenia)

We passed the equator in Uganda! (as we've done multiple times in Kenia)

Picture
Theeplantages in Oeganda. 
Teaplants in Uganda. 

Picture
Voor de trekking moesten we al om 7.30 uur bij het kantoortje zijn. Nadat onze registratie bevestigd was, kregen we eerst videobeelden van de Mountain Gorilla’s te zien. Daarna kregen we een hilarische uitleg over wat ons te wachten stond. Zo was het ‘sometimus’ mogelijk dat we binnen 1 uur de gorilla’s zouden kunnen zien, ‘sometimus’ zou het 2 uur duren, ‘sometimus’ 4 uur, ‘sometimus’ 8 uur en ‘sometimus’ helemaal niet. Gelukkig legde de ranger ons dat zo piekfijn uit, want dat hadden we uiteraard zelf nog niet bedacht. Een andere belangrijke tip was het meenemen van voldoende water (niet dat je nog water kon regelen op dat moment, maar dat terzijde). Zo was het aan te raden minimaal 1,5 liter water per persoon mee te nemen, maar dat was dan wel afhankelijk van hoeveel je tijdens de trekking zou drinken. Als je namelijk meer dan 1,5 liter water zou drinken, dan was het verstandig om ook meer water mee te nemen, bijvoorbeeld 2 liter. Als je minder zou drinken, dan kon je misschien ook wel iets minder meenemen…

Goeddd…, na deze grondige uitleg konden we op pad! We werden in groepen ingedeeld en middels een foto voorgesteld aan de gorillafamilie die wij zouden gaan bezoeken. Niet alleen dat was erg leuk om te zien, onze groepsgenoten waren misschien nóg wel vermakelijker.. Het was een Mexicaanse familie die compleet in safarikleren gestoken was; tropenbroek, tropenhemd, tropenhoed, binnen- én buitenhandschoentjes, beenbeschermers, bergschoenen en dat allemaal gloednieuw! Ook hadden ze bijna allemaal een grote camera om hun nek hangen, een GoPro op een uitschuifstokje, hun iPhone (om snel een fotootje mee te kunnen maken) etc.. Uiteraard konden wij het niet laten om te vragen of ze ‘professionals’ waren, omdat ze er zo goed voorbereid uitzagen, om vervolgens te horen dat dit hun eerste hike was en ze alles nieuw hadden aangeschaft J Na deze kennismaking met beide families was het tijd om naar het gebied te rijden waar de gorilla’s zich ongeveer zouden bevinden.

Onze gids Omax was een geschikte kerel van 30 jaar die trots was op zijn baan en ons op een vriendelijke en boeiende manier van de nodige informatie voorzag. We begonnen met een behoorlijk steile beklimming waarbij het pad redelijk tot goed begaanbaar was en al snel waren we doorweekt door de hoge luchtvochtigheid en de inspanning. De Mexicaanse familie had zichzelf getrakteerd op zogenaamde ‘carriers’, dus al hun rugzakken werden voor hen gedragen wat ook maar goed was, want ondanks deze ontlasting moest de oudste dame van de groep al snel door een van de ‘carriers’ de helling opgeduwd worden. Na ongeveer 2 uur geklommen te hebben, hadden we de top van de berg bereikt en had Omax voor de eerste keer contact met de gorilla-trekkers. Dit zijn trackers die ’s ochtends al vroeg het park ingaan om de gorilla’s te lokaliseren. Ze onthouden waar ze de vorige middag de gorilla’s hebben achtergelaten om vervolgens vanaf die locatie hun spoor te volgen op zoek naar de slaapplekken van de gorilla’s (’s avonds maken gorilla’s een matras van bladeren om op te kunnen slapen). Daarna volgen ze de verse sporen totdat ze de gorillafamilie weer gevonden hebben. Via radiocontact communiceren ze dit vervolgens met de gids.
Het zou waarschijnlijk nog een uurtje lopen zijn door het regenwoud voordat we bij de gorilla’s zouden komen! Iedere dag mogen er vanuit Buhoma drie groepen van 8 personen op bezoek bij de drie verschillende gorillafamilies die hieraan gewend zijn. Een aantal paden door het regenwoud zijn  daarom begaanbaar. Echter, wanneer je dichter in de buurt komt van de betreffende gorillafamilie, moet je toch echt van het pad af en letterlijk de jungle in. De trackers wachtten ons al op. Met alleen de camera’s mee volgden we hen gedurende ongeveer 15 minuten terwijl ze met machetes een doorgang door het zeer ondoordringbare (Impenetrable) woud maakten totdat we op een meter of 10 afstand een paar takken en bladeren zagen bewegen… We waren bij ze!!! Langzaam sloegen de rangers met hun machetes de laatste takken en bladeren plat en creëerden zo voor ons het laatste stukje pad. Totdat we de eerste gorilla zagen! Wat een bizarre ervaring was dat, want we stonden op maar 2 meter afstand. Geïnteresseerd keek de vrouwelijke gorilla ons aan om vervolgens op haar gemak een paar blaadjes naar binnen te werken. Niet ver van haar vandaan lag een andere gorilla en deze had zelfs een kleintje op haar buik liggen. Dit kleintje was slechts 1 maand oud en het was een fantastisch gezicht! Na een tijdje deze drie gorilla’s bekeken te hebben, gingen we op zoek naar de anderen van de familie. Niet veel later vonden we de Silverback. Dit is de baas van de familie en heeft als enige het recht om met alle vrouwtjes te paren. Ook bepaalt hij waar de familie naar toe gaat en is daardoor dus verantwoordelijk voor de voedselvoorziening. Hij zat met zijn rug naar ons toe waardoor het moeilijk was om een goed beeld van hem te krijgen, maar waardoor je wel aan de zilvergrijze streep op z’n rug kon zien dat het om de Silverback ging. Ook was het duidelijk dat hij enorm breed en groot was. Een van de rangers haalde nog een paar takken weg zodat hij beter zichtbaar zou zijn, maar daar was hij niet zo van gediend, want hij gromde behoorlijk en in een fractie van een seconde draaide hij zich om. Iedereen stoof achteruit, terwijl het op zo’n moment juist verstandiger is om rustig te blijven staan. De Silverback was nu wel duidelijk zichtbaar en gelukkig hierna ook heel kalm.

Echt heel gaaf om deze dieren van zo dichtbij te zien en mee te maken in hun eigen habitat. Ze mogen maximaal 1 uur per dag door mensen bezocht worden en de tijd vliegt op zo’n moment natuurlijk heel snel voorbij. We hadden geluk dat we nog twee gorilla’s met elkaar zagen stoeien en dat het ‘op de borst trommelen’ ook geshowd werd. Nadat het uur met een kwartier bonus om was zei Omax dat we toch echt afscheid moesten nemen van de gorillafamilie en dat we ons moesten klaarmaken voor de terugtocht. Maar voordat het zover was, kregen we nog spontaan te maken met een ‘grande finale’: twee gorilla’s lagen, enigszins verscholen op 2 meter naast ons en besloten opeens op te staan en langs ons te lopen. Zo dicht langs ons, dat ze letterlijk onze kuiten aanraakten en Ali kon nog met zijn vingertoppen de haren op de rug voelen. Na dit klapstuk zetten we onze terugtocht in. Eerst nog even lunchen en dan weer dezelfde weg terug naar de camping. Daar aangekomen bestelden we snel een biertje en bekeken we de gemaakte foto’s en videobeelden op de laptop.
Picture
We had to register for the trekking at 7.30am and some videos were showed of the Mountain Gorilla’s. After that we were briefed about the trekking in a hilarious way. We were told that “sometimus” it was possible to reach the gorilla’s after an hour, “sometimus” we would reach them in 2 hours, “sometimus” it took 4 hours, “sometimus” 8 hours and “sometimus” we would not reach them at all. It was good to have this explained so clearly, as we would have never thought of this ourselves.. Another important advice was to bring enough water with us (although it was not possible to arrange any water anymore). It was advised to bring at least 1,5 liters a person, but this was dependant of how much you would drink during the trekking. If you would drink more than 1,5 liters, it was advisable to bring more water, for example 2 liters. If you would drink less than 1,5 liters, you could maybe bring less water with you..

Okay, after this thorough briefing we were ready to go! Three groups of 8 persons were formed to visit three gorilla families and the family we were going to visit was introduced with some pictures of them. We were also introduced to another family, a Mexican one, who were in our group. They were dressed very neat in Safari clothes including Safari trousers, Safari shirt, Safari hat, 2 layers of gloves, protectors for the lower legs, professional shoes, everything brand new! They also all had camera’s, Go Pro’s on a stick, I phones, etcetera. Of course we wanted to know whether they were professionals as they were prepared so well. They told us it was their first hike and had bought everything new especially for today J. After the introduction to both families it was time to take a car to the place where we would start our trekking.

Our guide Omax was a very friendly guy of 30 years old who was proud at his job and gave us all kinds of useful information about the gorillas. Parts of the climbs were very steep but this was still on paths. Soon we were sweating a lot due to the high humidity and steep climbs. The Mexican family treated themselves to 6 carriers to carry their backpacks. This was a good idea, as soon the oldest lady of the family needed help and had to be pushed up the mountain by one of the carriers. After climbing for about 2 hours we reached the top of the mountain and Omax had contact for the first time with the trackers by walkie-talkie. The trackers had left early in the morning to go to the spot where they left the gorillas the day before. They searched for the nests that the gorillas build every night and followed the fresh trail from there.

We heard we would reach the gorillas in about an hour! Every day 3 groups are allowed to visit one of the 3 gorilla families who are habituated to people. The first paths are therefore accessible without problems, but when you get close to the gorillas the trackers have to make new paths using their machetes to really get into the rain forest. The trackers were awaiting us and we had to follow them bringing only our cameras. After about 15 minutes we saw something moving in the bush and we knew we were close to one of the gorillas! Slowly the guides removed the last leafs and bush to get closer. And then we were suddenly at 2 meters distance of a female gorilla! She looked very comfortable and didn’t seem to mind our presence at all and continued eating some leafs. It was great to see her from so nearby. A bit further we saw another gorilla with her one-month-old male baby on her belly, very special. After being very close to these 3 gorillas for a while it was time to meet the Silverback who is the boss of the family and the only one allowed to mate with the females. He also decides in what direction the family moves on and is therefore responsible for the food supply. We saw him sitting in the bush with his back towards us showing clearly the silver stripe on his back. He was huge, about 1.70 meters in length and had a huge belly. One of the guides tried to approach him a bit more. Suddenly he turned around and growled at us loudly. Everybody startled and wanted to take some steps backward although it’s better to just stand still in a situation like that. But the Silverback continued to eat his lunch and was very relaxed after this.

We also saw two other gorilla’s playing with each other, and one of them demonstrated us the ultimate gorilla move by pounding his chest a couple of times. It was great to see the gorillas from so nearby in their own habitat and although we got 15 minutes of bonus time, it went by very quickly and after 75 minutes Omax told us to say goodbye to the gorillas. But before we left there was a grand finale as 2 gorillas that were very close to us suddenly walked in our direction. Omax told us to stand still and the gorillas passed us calmly touching us and Ali even got the chance to feel the hairs of one of them..

We headed back to the campsite and ordered some beers and watched the pics and movies we shot. It was a great day. 
Picture
Het beviel ons zo goed in het regenwoud dat we nog een dag zijn gebleven. Voor het eerst tijdens de trip hebben we Buster zodoende 3 dagen rust gegeven. Daarna reden we door naar Rwanda. De route naar Rwanda ging dwars door het Bwindi park heen en was met stip de gaafste route van deze trip.

We enjoyed being in Buhoma in the rain forest and decided to stay another day. For the first time this trip Buster got 3 days of rest.
We continued our journey to Rwanda. The route took us through the Bwindi Impenetrable Park and was by far the coolest route we had driven so far. 
Picture
Bij een rustige grensovergang gingen we Rwanda binnen. Met name aan de Rwandese kant verliep alles heel soepel en we hoefden niet eens ergens extra voor te betalen!

We moesten even wennen aan het weer aan de rechterkant van de weg rijden. Ook moesten we ons Frans van heel ver weg weer ophalen. Van tevoren hadden we al onze plastic zakjes weggegooid aangezien die streng verboden zijn in Rwanda. En dat was te merken: geen grote hoeveelheden afval in de bermen van de wegen zoals je in veel Afrikaanse landen ziet.  Sowieso kwam Rwanda heel netjes en geordend over en het is ook een heel groen bergachtig land. De bijnaam is niet voor niets ‘Het land van de 1000 heuvels’. Iedereen denkt bij Rwanda natuurlijk gelijk aan de genocide die 20 jaar geleden plaatsvond, waarbij er in 3 maanden tijd ongeveer een miljoen mensen zijn vermoord en het hele land in puin lag. Daarom waren we zo verbaasd dat Kigali, de hoofdstad, nu een hele moderne en nette, bijna westerse stad is. Er is na de genocide gigantisch veel hulp geboden aan Rwanda en dat is te zien.

De eerste nacht in Kigali was een drama want we waren allebei doodmoe, maar bleken te verblijven naast een club die tot na 6 uur ’s ochtends keiharde muziek draaide. De volgende dag zijn we dus verkast naar een andere plek.

The border crossing was not busy and especially at the Rwandese side things went very smoothly and we didn’t even have to pay anything extra!

We had to get used again to driving on the right side of the road and to talking French. Before we entered Rwanda we had to get rid of all the plastic bags we had, since they are strictly forbidden. The result of this was clearly visible: there were no huge amounts of rubbish on the sides of the roads as in many other African countries. Rwanda is called the country of 1000 hills and is also very green. It looked clean and well organised.

When you mention Rwanda everybody will think of the genocide that took place 20 years ago in which about a million people were killed within 3 months and the whole country was ruined. We were very surprised to see that the capital Kigali is a modern, clean, and almost western looking city. Rwanda got a lot of financial aid after the genocide and this is clearly visible.

Our first night in Rwanda was terrible as it turned out we stayed next to a club that played extremely loud music until after 6am. So the next day we moved to another place.
We zijn naar het Kigali Genocide Memorial geweest en dat was zwaar indrukwekkend. Hier bevinden zich de massagraven van zo’n 259.000 mensen en binnen is een tentoonstelling over hoe de genocide heeft kunnen ontstaan, de genocide zelf en de periode erna. Ook werd er aandacht besteed aan een aantal andere genociden die hebben plaatsgevonden. Bij geen enkele genocide zijn er in zo’n korte tijd zoveel mensen vermoord als in Rwanda. De kiem voor de genocide is gelegd door in eerst instantie de Duitsers en later de Belgen, die een arbitraire indeling maakten van de bevolkingsgroepen die tot dan toe altijd vreedzaam naast elkaar geleefd hadden; als je meer dan 10 stuks vee bezat was je een Tutsi, bij minder dan 10 stuks was je een Hutu. Ook werden er uiterlijke kenmerken toegekend aan de 2 groepen en werden er identiteitskaarten ingevoerd waar het ras op vermeld stond. De Tutsi’s, die in de minderheid waren, kregen de macht van de Belgen, echter toen in de jaren 50 de Hutu’s in opstand kwamen, kozen de Belgen ineens de kant van de Hutu’s. De tweedeling heeft zich na de onafhankelijkheid steeds verder doorgezet, uiteindelijk leidend tot een plan waarbij in zo’n kort mogelijke tijd zoveel mogelijk Tutsi’s uitgeroeid moesten worden. Om dit te realiseren werd vooral veel gebruik gemaakt van de media.

Naast het feit dat de Belgen alles behalve de schoonheidsprijs verdienen met hun optreden in Rwanda, hebben de Fransen zich ook van hun slechte kant laten zien. Zo hebben zij de Hutu moordcommando’s militaire training gegeven en hebben ze er later voor gezorgd dat veel moordenaars vrije doorgang kregen naar buurlanden zoals de Democratische Republiek Congo, Uganda en Burundi. Ook de VN heeft veel te lang de signalen van een genocide weggewuifd als ware het een burgeroorlog. Allerlei signalen zijn gemist en soms zelfs opzettelijk terzijde geschoven. Al met al een genante vertoning.

In het laatste deel van het museum werden foto’s getoond van vermoorde kinderen met hierbij omschreven hun leeftijd, karakter, favoriete eten en hobby’s, en op welke wijze ze vermoord zijn. Luguber en aangrijpend.

We visited the Kigali Genocide Memorial which was very impressive. The mass graves of about 259.000 people are here and there is an exhibition about how it was possible that genocide took place, the genocide itself and the period after the genocide. Also attention was given to other genocides that have taken place in history.

There has been no genocide in which so many people were killed in a short time as in Rwanda. The seeds for the genocide were sowed by first the Germans and later the Belgians. The people of Rwanda who had lived together relatively peacefully until then were divided into different groups using arbitrary measures based on possession of cattle (a person possessing 10 pieces of cattle or more was a Tutsi, and a person possessing less than 10 pieces of cattle was a Hutu) and arbitrary physical appearances. Identity cards were introduced mentioning to what group a person belonged.  The Tutsis who were the minority got all the important positions of the Belgians. In the fifties this led to more and more protest of the Hutus and the first clashes between the two groups took place. The Belgians then decided to give power to the Hutus. After independence the Hutus and Tutsis separated further and further and in the end a plan was made by the Hutu leaders to kill all Tutsis. The media that were controlled played a big role in spreading hatred.

The French also showed their dark side; they gave military training to the Hutu murder squads and at the end of the genocide they helped Hutus responsible for the killings escape to neighbouring countries. The United Nations, that was present in Rwanda at the time did not respond to many signals about what was going on and defined the genocide as a civil war. At the day of our visit to the memorial we read in the news that the UN apologized for their passive role at the time.

In the last part of the museum pictures of children were demonstrated mentioning their names, favourite food, hobby’s, character and in what way they were killed. It was horrible to read.
Na een bezoek aan het museum gingen we op zoek naar een andere slaapplek en kwamen uit bij een prima hotelletje met een balkon. Om de hoek zat een goede Italiaan waar we ’s avonds hebben gegeten. De volgende dag stond een bezoek aan twee kerken, die nu als herdenkingsplaatsen dienen voor de genocide, op het programma. De eerste kerk die we bezochten ligt in Ntarama, een kilometer of 20 ten zuiden van Kigali. Binnen in de kerk zijn de kledingstukken te zien van de mensen die hier omgekomen zijn. Ongeveer 10.000 mensen waanden zich toentertijd veilig in de kerk, maar de moordcommando’s besloten de kerk te omsingelen, de deur van de kerk op te blazen en vervolgens iedereen te vermoorden. Twee dagen hadden ze hiervoor nodig. (wat neerkomt op een gemiddelde van 7 mensen iedere 2 minuten…) Naast de kerk bevonden zich twee grote massagraven, waarin je via een trapje kon afdalen. Daar lagen duizenden schedels en duizenden beenderen in rekken opgestapeld. Een bizar gezicht, maar het deed je des te meer inzien hoe gruwelijk en hoe grootschalig de genocide geweest is.

Aangeslagen zijn we doorgereden naar de tweede kerk die gelegen is in Nyamata. Hier heeft zich een soortgelijk verhaal afgespeeld. In een klein bijgebouwtje was nog een roodbruine vlek op de muur zichtbaar: een met oud bloed besmeurde plek waar de moordcommando’s de Tutsi baby’s en kleine kinderen tegen de muur doodgeslagen hadden.

Wanneer je zo’n Memorial met eigen ogen gezien hebt, begrijp je gewoonweg niet dat mensen elkaar zo iets kunnen aandoen. Dat indoctrinatie door middel van media tot zoveel haat kan leiden en dat zelfs familieleden en vrienden elkaar vermoorden op de meest verschrikkelijke wijze.

De genocide vond precies 20 jaar geleden plaats toen wij in Kigali waren en er waren grote campagnes gaande te zien aan de vele posters met de woorden “remember, unite, renew”. Het zal nog wel even duren voordat dit daadwerkelijk lukt en het is ook de vraag wat er zich allemaal afspeelt in met name buurland Congo, waarover regelmatig verhalen te horen zijn over acties van het Rwandese leger tegen groepen Hutu’s die zich daar organiseren. We lazen toevallig op de dag van ons museumbezoek dat de VN excuses hebben gemaakt voor hun passiviteit in de aanloop naar en gedurende de genocide.

After the visit to the Memorial we found a better place to stay in town and had a good diner at an Italian place around the corner. The next day we visited two churches that are Memorials of the genocide, of which many are present in the whole country. The first church was in Ntarama, about 20 kilometres from Kigali. In the church there are many clothes of the people who were killed there. About 10.000 people thought they had found a safe place at the compound of this church but the murder Hutu squads decided to surround the compound, enter it using grenades, and kill all of them. They did this in two days, which means 7 people were killed every 2 minutes.. Next to the church there were two mass graves that could be entered. Thousands of skulls and bones were laid down here that was bizarre to see and made you realize the extent of the terrible killings that took place.

In the second church in Nyamata also many people were killed. On one of the walls you could still see the blood stains of the many baby’s and young children that were smashed to death against that wall.

It’s hard to understand how people can do things like this to each other and how so much hate can be spread by a government making use of media. Even family members, friends and people who had been neighbours for years killed each other in the cruelest manners.

The genocide is 20 years ago now and while we were in Kigali we saw many billboards and posters with the words “remember, unite, renew”. This will probably take a few generations and we also heard many stories about things that are going on in neighbouring countries where the Rwandese army is active against Hutu groups who are re-organizing themselves.

Na deze indrukwekkende bezoeken wilden we eigenlijk naar Lake Kivu rijden, maar dit bleek toch niet haalbaar en bovendien begon het urenlang keihard te regenen (we zaten nog middenin de lange regentijd). We besloten daarom om nog een dagje in Kigali te blijven en de volgende dag koers te zetten richting Tanzania via de grensplaats Rusumo.

After the visits to the memorials we wanted to drive to Lake Kivu, but it started to rain like crazy (we were still in the middle of the rain season) so we decided to stay a day longer in Kigali to continue our trip from there to Tanzania via the Rusumo border.
Picture
4 Comments

Kenia

8/4/2014

7 Comments

 
Moyale ligt in zowel Ethiopië als Kenia en we verbleven eerst een nachtje aan de Ethiopische kant. We hebben met een groep Ethiopiërs Man United  - Bayern München gekeken. Want waar je ook bent in Afrika, overal kun je Europees voetbal kijken.

De volgende dag de gebruikelijke grensrituelen, in Ethiopië bij het meest armoedige en vieze kantoor tot nu toe. Maar gelukkig was er wel een ‘suggestion box’. Of er naar aanleiding van de ‘suggestions’ ook een verbeterplan wordt opgesteld, is nog maar de vraag...

In Kenia ging het allemaal soepel en we reden het 14e land van deze reis binnen, na ruim 15000 kilometer afgelegd te hebben.

Moyale is a town located in bot Ethiopia and Kenya and we stayed a night at the Ethiopian side. We watched Man – United against Bayern Munich with a group of Ethiopians. Wherever you are in Africa, you can see European football on the television.

The next day there were the usual border rituals, in Ethiopia at the least maintained and dirty office ever. There was a suggestion box however but we’re not sure whether the suggestions will be used for improvements..

In Kenya it was easy to get the paperwork done so we could now enter the 14th country of this trip, after having covered more than 15.000 kilometres.
Picture
De eerste tussenstop in Kenia was Marsabit, een gezellig plaatsje waar diverse mensen in verschillende soorten klederdracht rondliepen, met grote gaten in de oren en vele versieringen op het gezicht.

De weg naar Marsabit was de 'aller-aller-aller-aller-slechtste die we tot nu hebben gehad, en bestond uit een afwisseling tussen modder, scherp uitstekende grote stenen, grind, en alles hier tussenin. Vaak konden we niet harder dan 30 kilometer per uur rijden. Onze achterbanden waren al wat profiel kwijtgeraakt, maar na deze rit was er echt weinig meer van over.

Tot voor kort stond de route Moyale – Marsabit en verder als gevaarlijk bekend, vanwege conflicten tussen stammen en bandieten die het op toeristen hadden voorzien. Maar inmiddels is het gelukkig een stuk rustiger geworden en we hebben nergens last van gehad. We hoorden ook dat het leger op allerlei strategische plaatsen aanwezig is, sinds Kenia in 2011 Somalië is binnengevallen om aanslagen van moslimextremisten van Al Shabaab te bestrijden waarmee de belangrijke toeristenindustrie wordt bedreigd.

Our first stop in Kenya was Marsabit, a town with a nice atmosphere where we saw al kinds of traditional dressed people with big piercings in their ears.

The road to Marsabit was the worst until now, and varied between mud roads, roads with huge very sharp rocks, small stones, gravel, and everything in between. The maximum speed was about 30 kilometres an hour most of the time. We had already lost some profile of the back tires, but after this there was not much left of it

Until recently the road from Moyale to Marsabit anf further was dangerous because of conflicts between tribes and bandits wanting to rob tourists. Fortunately it’s ok now and we didn’t see bandits. We heard the army is present at strategic locations after Kenya invaded Somalia in 2011 to fight Muslim extremists from Al Shabaab who are a threat to the import tourist industry in Kenya.
In Marsabit verbleven we op een camping behorende bij het natuurpark. Er waren volop baboons aanwezig en er liepen tamme struisvogels rond. ’s Avonds hoorden we hyena’s huilen en er stond er 1 vanuit de struiken ons een minuut of 5 aan te kijken.. Yep nu zaten we er echt middenin!!

In Marsabit we stayed on a campsite that is part of the Marsabit National Park. Many baboons accompanied us and there were ostriches who were used to people. In the evening we heard the howling of hyena’s and one of them was looking at us from about 50 meters distance for 5 minutes. Yep we were in the middle of Africa now! 
Picture
De volgende dag reden we via zo mogelijk nog slechtere wegen door. Er wordt wel volop gewerkt aan een geasfalteerde weg in Noord-Kenia, gesubsidieerd door de EU, omdat dit de handelsroute van Noord-Afrika naar Europa opent. Er zijn al wat stukken goed asfalt, maar het duurt nog wel jaren voordat het helemaal af is.

We wilden een paar dagen naar Samburu National Reserve, maar schrokken bij de ingang nogal van de toegangsprijzen. Dit wisten we al wel, en we hadden daarom van tevoren al besloten niet zo lang in Kenia te verblijven, maar 100 dollar pp per dag waarbij je op een camping met zeer basale voorzieningen verblijft is toch wel heel veel.

De plek waar we kampeerden was wel fantastisch gelegen aan een rivier en bij aankomst zagen we een grote olifant aan de overkant lopen. Een bewaker zorgde ervoor dat de brutale apen op afstand bleven en maakte een kampvuur voor ons. In het donker hebben we kennis gemaakt met de meest bizarre insecten en dieren waaronder vliegende torren van 10 centimeter lang en 2 centimeter dik en handgrote schorpioenen.

We continued our trip through roads that were even worse. There are road works and the whole road in north Kenya will be a tarmac road but this will probably take a few years. The road works are subsidized by the European Union to open up the north Africa to Europe route.

We wanted to go to the Samburu National Reserve for a couple of days but were unpleasantly surprised by the entrance fees. We knew beforehand prices are high in Kenya and that’s why we decided to not spend a long time there, but 100 dollars a person a day including a campsite with almost no facilities is a bit too much we think.

However the campsite area was on a brilliant location at a river and when we arrived we saw a huge African elephant grazing on the other side.  A guard kept the monkeys at a distance and made us a campfire. In the dark we got to know lots of bizarre insects and animals like flying beetles 10 centimetres long and 2 centimeters thick and scorpions as big as a hand. 

We stonden vroeg op voor onze eerste echte gamedrive. We begonnen met volle moed en we dachten ons door een mooi paadje te navigeren, maar de plassen in het modderige gras bleken wat dieper dan gedacht en ineens zaten we vast. Eerst hebben we even gecheckt of er geen leeuwen in de buurt waren en toen gepoogd met de zandladders eruit te komen wat bijna lukte maar niet helemaal. De lier was geen optie want er waren alleen struiken en geen bomen. Gelukkig merkte een gids ons op en die heeft ons eruit getrokken.

Daarna verder gegaan en oa de zeldzame Grevy’s zebra’s gezien, heel veel dikdik’s, en bijzondere giraffen met een patroon op de huid die alleen voorkomen in dit park.

’s Middags hebben we geluncht in 1 van de vele luxueuze lodges die in het park aanwezig zijn (500 dollar per persoon per nacht). Het is wel duidelijk dat Kenia zich op de rijke toerist aan het richten is. Maar de vraag is voor hoe lang, want de touroperators protesteren inmiddels al flink tegen de steeds verder toenemende prijzen, begrepen we.

We got up very early for our first real game drive. We were very confident and wanted to take a nice small road but before we knew we were stuck in deep mud. We checked first whether there were no lions around us  and then tried to use our sand ladders to get out and almost succeeded. Fortunately a guard had seen us and towed us out.

We continued a bit more careful and saw the rare Grevy’s zebra, many dik diks, and the special type of giraffes that are only present in this park. We had lunch in one of the many luxurious lodges (500 dollars a person a night). It’s obvious that Kenya is aiming for the rich tourist. The question is for how long, we heard that tour operators are protesting against the prizes that rise all the time. 
We hielden het bij 1 dag, het liefst waren we nog langer gebleven want het park is ontzettend mooi en we hadden nog maar een klein deel gezien. Maar er zullen gelukkig nog vele parken volgen.

We gingen door naar Isiolo, in de buurt gelegen op een mooie plek. We waren de enigen, zoals eigenlijk bijna altijd tot nu toe deze trip. We besloten rustig aan te doen. Bij het ontbijt de volgende dag begaf het ventiel van 1 van de achterbanden het spontaan en liep de band helemaal leeg. Dus we hebben beide achterwielen verwisseld, aangezien het profiel zo goed als verdwenen was. Ook hebben we nog allerlei andere klusjes aan de auto gedaan en besloten we nog een extra dagje te blijven. Daarna boodschappen gedaan wat altijd weer vermakelijk is omdat je voor wat geringe boodschappen toch al snel een winkel of 7 af moet gaan.

We stayed at Samburu for 24 hours although we would have liked to stay longer because the park is very beautiful and we only got to see a small part of it. But we can’t complain since there will be many more parks on this trip.

We stopped in nearby Isiolo and stayed at a nice place. We were the only ones, until now it has been like that many times. We decided to take it easy. At breakfast the next morning one of the .. came out of one of the tyres spontaneously and was irreparable. We decided to exchange both the back wheels and did some other small car repairs and stay for another day. We went into town to do some shopping which is always fun, for some simple groceries you need to go to at least 7 shops or so. 

Na Isiolo reden we naar de regio bij Nakuru, waar we de volgende ochtend Ali’s verjaardag hebben gevierd met een stevig Engels ontbijt. De cadeautjes die Suzanne had meegegeven en de kaart zijn met veel plezier en een kleine krop in de keel door Ali uitgepakt en de kaarsjes zijn op het omeletje geprikt.

Na het ontbijt zijn we doorgereden naar Bungoma, waar we hadden afgesproken met Lorianne, een Amerikaanse die daar al bijna 2 jaar werkt voor Peacecorps en die we waren tegengekomen in Lalibela (Ethiopië). Zij had geregeld dat we mochten overnachten bij haar “Keniaanse ouders”, Mama Margareth en Papa Moses. We werden ongelooflijk gastvrij ontvangen en er werd goed voor ons gekookt. In de supermarkt hadden we wat gebak geregeld. Een alcoholische versnapering om Ali’s verjaardag te vieren zat er echter niet echt in, aangezien de zwaar gelovige Papa en Mama hier streng op tegen waren. Papa had nog wel een mooie spreuk: “God created the earth, the Dutch created Holland”. Lorianne leidde ons rond in het dorp waar ze werkte en we waren de bezienswaardigheid van de dag.

De volgende dag reden we richting Oeganda waar we nu zijn en morgen de berggorilla’s hopen te zien!

After Isiolo we went to the Nakuru region. The next morning we celebrated Ali’s birthday with a good english breakfast and some presents.  

Next stop was Bungoma, we went to see Lorianne who we met earlier in Lalibela. She works for Peace Corps and has been there for almost 2 years. She took us to her “Kenyan parents”, Papa Moses and Mamma Margeret. They were extremely hospitable and cooked us a nice meal and let us sleep in their house. We arranged some cake for desert. However no beers were consumed as Papa and Mama were very religious and were against alcohol.. Papa did have a nice quote about The Netherlands: “God created earth, the Dutch created Holland”. Lorianne showed us the village and we were the main attraction that day.

The following day we continued our journey to Uganda where we are now. We’re hoping to see the mountain gorilla’s tomorrow! 

7 Comments

Ethiopiƫ

1/4/2014

0 Comments

 
Hier dan eindelijk weer een update, we hadden niet zo veel toegang tot internet de laatste tijd. Bedankt aan degenen die hebben bijgedragen aan ons goede doel, we zijn er erg blij mee en zitten nu zo’n beetje op de helft van het beoogde bedrag dat we willen inzamelen!

Bij de grens met Ethiopië werden we heel vriendelijk ontvangen en geholpen. We zijn inmiddels iedere keer weer benieuwd wat we gaan meemaken bij een grensovergang. Dit keer was het noodzakelijk dat alle elektronische apparatuur die we bij ons hadden op een formulier werd genoteerd. Toen er na 4 regels echter geen ruimte meer was op het formulier was het wel goed zo. De 4 die waren opgeschreven moesten we wel even laten zien.. (bij het verlaten van het land ook weer).  Ook was het absoluut noodzakelijk dat we aangaven waar we het land zouden verlaten, anders konden we geen visum krijgen. We wisten dit nog niet zeker en dat legden we uit, maar de beambte bleef volhouden. Toen we uiteindelijk besloten voor Moyale te gaan en hij het document had opgesteld, vertelde hij dat hij zowel Moyale als Omorate had opgeschreven, zodat we nog de keus hadden..

Ethiopië was gelijk een stuk groener dan Soedan en we reden een heel mooi berggebied in.  Het was heel anders dan in Soedan: overal gezellige dorpjes met de bekende georganiseerde Afrikaanse chaos, lachende en zwaaiende kinderen, en overal liep het vee los rond. We hebben gelijk een goede daad verricht door een Ethiopische vrouw een lift te geven.

Here is an update finally, we didn’t have a lot of access to internet lately. Thanks for the people who supported our charity, we appreciate it a lot and have collected about half the amount of money that we’re aiming for!

At the Ethiopian border we were welcomed and helped in a very friendly way. After many border crossings, we’re curious about what things will happen at the following ones. This time it was necessary to have all our electronic equipment registered. However, there were only 4 lines on the registration form. So when these 4 lines were full, the agent wasn’t interested in the rest anymore. We did have to show the 4 items that were written down though. It was also necessary to tell where we would leave the country. We were not sure yet and explained this, but the official insisted and we decided to choose Moyale. When he had finished the document, he said he put Moyale and also Omorate on the form, so we could still choose and would not have problems when leaving the country..

Ethiopia was much greener than Sudan and we entered a very nice mountain area. The atmosphere was very different than in Sudan: there were nice villages everywhere with the typical organised African chaos, smiling and waiving children, and there was cattle on the streets everywhere. We gave a lift to an Ethiopian woman when we just entered the country.

Picture
Na de mooie route kwamen we aan in Gonder, net na het donker, wat eigenlijk natuurlijk niet de bedoeling was. De beoogde verblijfplaats bleek niet meer te bestaan, maar er meldde zich gelijk een jongen die op de zijkant van de auto ging staan en ons wel aan een goede verblijfplaats kon helpen. De komende dagen hing hij rond bij ons om ons met van alles te “helpen”. Uiteraard wilde hij er een centje aan verdienen maar het was niet vervelend en we hebben er wat goede Ethiopische muziek aan overgehouden.

We hadden van tevoren allerlei verhalen gehoord over stenengooiende onvriendelijke Ethiopiërs, maar zo hebben wij het zeker niet ervaren. Er wordt wel ontzettend veel gebedeld, door volwassenen, maar vooral ook door kinderen. Kinderen vanaf 2 of 3 jaar voeren midden op de weg de meest coole dansjes uit in de hoop dat een auto stopt en ze wat krijgen. “Money money, pen pen, en t-shirt t-shirt” zijn de Engelse woorden die iedereen kent. Lastig om niet aan toe te geven gezien de enorme armoede (Ethiopië is 1 van de armste landen ter wereld). Maar wel beter lijkt ons anders stimuleer je het bedelen en houd je het in stand.

Bij het ontbijt in Gonder hadden we uitzicht op de continue stroom van mensen met handelswaar, bepakte ezels, geiten en koeien die langsliepen op weg naar de markt.

Gonder is 1 van de plaatsen op de “historische route” in Ethiopië. Er staan vele kastelen van zo’n 350 jaar oud, gebouwd in de tijd van Fasilidas. We hebben ze bezocht met een hele goede gids die ons heel veel wist te vertellen. Zo waren er ingenieuze waterreservoirs met waterzuiveringssysteem, een verwarmingssysteem, en complete spa’s met sauna.

’s Middags bezochten we de Debre Birhan Selassie kerk uit de 18e eeuw met bijzondere plafond- en wandschilderingen.

After the nice drive we arrived in Gonder when it was just dark. The place we wanted to stay wasn’t there anymore and before we knew a guy stepped on the side of the car and offered his help. He would be hanging around us the following days but not in an annoying way. Of course he wanted to make some money which he did, but he did help us with a nice accommodation and also with some nice Ethiopian music.

We heard bad stories about Ethiopians before we were there, about throwing rocks to cars and being very unfriendly, but we didn’t experience it that way at all. There is a lot of begging though by everyone, but mainly by kids. Kids as young as 2 or 3 years old perform the coolest dances on the main roads, hoping a car will stop and give them something. The English words they know are: “money money, pen pen” and “t-shirt t-shirt”. Sometimes it’s hard to resist it considering the enormous poverty we’ve seen (Ethiopia is one of the poorest countries in the world), but probably that’s better since it will only stimulate begging and people will keep on doing it.

During breakfast in Gonder we saw many people carrying all kinds of products like wood and fruit, donkeys packed with products like grain, and all kinds of cattle on their way to the market, yep we were in Africa.

Gonder is one of the cities on the “historical route” in Ethiopia. There is a castle complex of about 350 years old, built in Fasilidas period. A guide told us all about it; there were ingenious systems for water storage and purification, a heating system, and huge spa’s with sauna’s.

In the afternoon we visited the Debre Birhan Selassie church from the 18th century with famous paintings on the ceiling and walls. 

Vanuit Gonder hebben we een uitstapje gemaakt naar de Simien Mountains waar we een hele mooie route hebben gelopen met een gids en een bewaker. We liepen tussen 100-en baboons die de bergen afdaalden.

We werden op de terugweg uitgenodigd bij mensen die in het dorpje woonden, en kregen zelfgebrouwen bier uit een beker van koeienhoorn. Het bier zag eruit als slootwater en smaakte totaal niet naar bier, maar was verder wel okay. Even waren we bang dat we ziek zouden worden van deze traktatie, maar ‘wc-problemen’ bleven gelukkig uit.

From Gonder we drove to the Simien Mountains through a very nice route and we did a hike with a guide and a guard. We were in between hundreds of baboons descending the mountains.

On the way back we were invited by some locals and got some locally brewed beer which did not look or taste like beer at all but taste dok. We thought we might get sick of it, but fortunately there were no “toilet problems” this time. 

Na Gorgora zijn we in 1 dag naar Lalibela gereden, een stuk oostelijker, via een prachtige route door de Ethiopische Hooglanden, waarschijnlijk de mooiste route tot dan toe. We kwamen tot ruim boven de 3000 meter. In heel Ethiopië wordt landbouw bedreven waarbij alles nog handmatig en met behulp van vee gebeurt. De ploegen zijn van hout gemaakt. We hebben in 2 weken tijd in Ethiopië 1 tractor gezien.

From Gorgora we drove to Lalibela in one day  and drove a great route in the Ethiopian Highlands, probably the nicest we’d  had so far. We reached heights of over 3000 meters. We saw a lot of agriculture which is done manually and with the help of cattle, using wooden instruments. In two weeks time in Ethiopia we saw only one tractor. 
Lalibela is bekend om de ruim 1000 jaar oude uit steen gehouwen kerken. De toegangsprijzen zijn fors voor toeristen en een deel hiervan zou ten goede komen aan de lokale bevolking, maar daar hebben we maar weinig van gezien want er was een enorme armoede in Lalibela.

We zijn alle 11 de kerken in Lalibela langsgegaan met een gids, die zelf priester wilde worden. Hij geloofde er heilig in dat de kerken grotendeels door engelen gebouwd zijn. We zijn er maar niet op ingegaan, want we wisten dat we geen schijn van kans maakten tegen deze zwaar gelovige gids met zijn continue gelukzalige evangelische glimlach op zijn gezicht..

Het orthodox christelijke geloof is de grootste religie in Ethiopië en heeft eeuwenoude tradities. We dachten van de oproepen tot gebed af te zijn nu we de Islamitische landen achter ons hadden gelaten. Maar het bleek dat het nog veel erger kon: (oproepen tot) bidden met iets waarvan we denken dat het zang moest voorstellen, maar klonk als gejammer van een seniele oude man, en dat meerdere keren per dag gedurende uren door veel te luide luidsprekers..

De kerken in Lalibela waren indrukwekkend, vooral de St. George kerk. Veel kerken zijn overdekt met een lelijk dak nadat ze tot het werelderfgoed van UNESCO zijn gaan behoren, maar op deze manier wordt het dak wel beschermd tegen de weersinvloeden.

Lalibela is known for their rock hewn churches which are more than 1000 years old. The entry fees were doubled recently and quite high. Part of it is supposed to go to the local community but we didn’t see much of that since there is a lot of poverty in Lalibela.

We saw all the 11 churches with a guide who wanted to become a priest. He was convinced that the churches were partially built by angels. We didn’t start a discussion with him as we were sure we wouldn’t win it from this deeply religious guide with his continuous evangelic smile on his face..

Orthodox Christianity is the biggest religion in Ethiopia and has traditions that go back for centuries. We thought we were relieved of the calls for prayer now that we had left the Muslim countries. But it turned out things could be even worse: in Ethiopia there were (calls for) prayers multiple times a day through far too loud microphones by people who sounded like senile old men..

The churches in Lalibela were impressive , we especially like the St. George church. Many churches are covered by ugly roofs after they became part of the UNESCO world heritage, but in this way they are protected by weather influences. 

We wilden na Lalibela naar Harar, omdat dat een leuke stad moet zijn, en vooral, omdat je daar wilde hyena’s kunt voeren. Maar we kwamen er steeds meer achter dat we helaas dingen moesten gaan skippen en niet alle interessante bezienswaardigheden konden bezoeken. Ethiopië is een land waar je met gemak een maand kunt doorbrengen. Maar met het aantal landen dat we bezoeken en de kilometers die we rijden moeten we nou eenmaal keuzes maken. En met de vele hoogteverschillen en soms slechte wegen in Ethiopië en heel vaak moeten remmen om vee te ontwijken kun je niet heel veel kilometers per dag maken. Geen Harar dus.

We reden daarom door naar Addis Ababa, met een tussenstop in Kombolcha. In Kombolcha nog een leuke avond gehad met 2 Ethiopische wegenbouw ingenieurs, het over van alles en nog wat gehad, onder andere over de vele NGO’s in hun land, waar zij volledig op tegen zijn omdat het mensen afhankelijk maakt en omdat er veel te veel (westerse) mensen zijn die er veel te veel geld mee verdienen. Bij de duurste hotels staan de parkeerplaatsen vol met dikke NGO auto’s, in de weekends worden feestjes gegeven voor diplomaten op de mooiste en duurste lokaties.

Toen we de volgende dag doorreden naar Addis Ababa en een tussenstop maakten, reden ze bizar genoeg 30 seconden later langs, dus hebben we ze nog even gesproken. Hierna reden we letterlijk door de wolken heen en kwamen we tot een hoogte van 3495 meter! Buster hield zich prima, op soms wat blauwe rook na…
Picture
After Lalibela we wanted to go to Harar. We heard it’s a nice city to visit but the main reason was that it is possible to feed hyena’s there at night.

However we started to realize we had to skip things and that it was not possible to see everything interesting. You can easily spend a month in Ethiopia. But with the distance we’re covering and all the countries we are visiting we have to make choices. And with all the mountains in Ethiopia, sometimes bad roads and having to break and avoid bumping into cattle the whole time it’s impossible to cover big distances on a day. So no Harar.

We drove to Addis Ababa and made a stop-over in Kombolcha. In Kombolcha we spent the evening with two Ethiopian road construction engineers and talked about lots of stuff while drinking beer. They told us they are against the many NGO’s in their country, since it makes people dependent on them and there are too many (western) people making money out of it. The parking lots of the most expensive hotels are full with the big NGO cars, and in the weekends they throw parties with diplomats on the most beautiful and expensive locations.

When we continued our drive to Addis the next day and made a stop somewhere in the mountains they bizarrely showed up 30 seconds later, so we saw them again. Later we drove through the clouds and reached a height of 3495 meters. Our car Buster didn’t mind at all but did show some blue smoke. .
In Addis Ababa verbleven we in Wim’s Holland House. Wim is 70 jaar en verblijft al lange tijd in Afrika. Hij is bekend geworden met het tijdschrift Truckstar en met voedseltransporten naar Soedan. Nu heeft ie een restaurant / cateringservice in Addis, en je kunt er ook overnachten als overlander. Hij heeft het restaurant met allerlei Nederlandse attributen ingericht en de zelfgemaakte bitterballen en Nederlandse pannenkoeken smaakten ons prima.

We ontmoetten een Ier en een Engelsman. De Ier was met zijn vrouw begonnen aan een motortrip en via Israël in Afrika gekomen. Zijn vrouw had hij daar echter achtergelaten nadat hij haar betrapt had op overspel. Na veel wikken en wegen besloot ie zijn trip toch voort te zetten. De Engelsman zwerfde al jaren over de wereld, als het geld op was ging hij weer een tijdje als technicus op een schip werken. Hij zat al 6 weken in Addis, omdat ie moest wachten op onderdelen voor zijn motor.

Ze hadden plannen om via de Omo Vallei Noord-Kenia binnen te gaan, via Lake Turkana. Een hele ruige route waarbij je eerst langs diverse nog zeer traditioneel levende tribes komt in Zuid Ethiopië. Zowel zij als wij wilden graag dat we meegingen, maar het bleek uiteindelijk qua tijd en visumaanvraag etc. niet haalbaar.

Jammer want de rhinokillers (ze vonden het leuk ons zo te noemen door het logo op onze auto dat ze aan ghostbusters deed denken) konden het goed met ze vinden.

In Addis we stayed at Wim’s Holland House. Wim is a 70-year old Dutchman en has been in Africa for years. He founded Truckstar Magazine and became known for organizing food convoys to Sudan. He own a restaurant and catering service in Addis and it’s possible to sleep there as an overlander. The restaurant is full of (orange) Dutch attributes and the home-made bitterballen and Dutch pancakes tasted very good.

We met an Irish and an English guy. The Irish guy went on a motorcycle trip with his wife and reached Africa through Israel. However he left his wife after he discovered she cheated on him in Israël.. He decided to continue his trip alone. The English guy was travelling all over the world since years. When he ran out of money he works on a ship as an engineer for a while. He’d been in Addis since 6 weeks as he was waiting for spare parts for his motorcycle.

They were planning to go to Kenya through the Omo Valley in South Ethiopia and Lake Turkana in Kenya, a very rough and cool route passing a lot of very traditional African tribes. We wanted to do it together but unfortunately we did not have enough time and it would take too long to have our visa for Kenya ready. A shame since the rhinokillers (as they called us because our logo made them think of Ghostbusters) would have liked it a lot to make this trip with them. 

Nu gingen we via Moyale richting Kenia, waar we het visum gewoon aan de grens konden regelen.

Onderweg hier naar toe gingen we eerst naar Arba Minch, wat gelegen is in het zuidelijke merengebied van Ethiopië. We wilden in onze tent slapen bij Paradise Lodge, maar kregen een aanbod dat we niet konden weigeren en hadden zodoende een relaxte lodge voor 3 dagen met gebruikmaking van het zwembad. Het laagseizoen heeft zo zijn voordelen.

We hebben een boottrip naar 1 van de meren gedaan waar we vele nijlpaarden, maraboes, pelikanen en grote krokodillen hebben gespot. Ook een kleine gamedrive gemaakt in het nabijgelegen park op vrijwel onbegaanbare wegen, maar inmiddels weten we dat niets onze wagen teveel is.

We would take the Moyale route to Kenya now, where we could the visa at the border post. 

First we went to Arba Minch, which is in the Southern Lake area in Ethiopia. We wanted to sleep in our tent at Paradise Loge, but the manager made us an offer we couldn’t refuse so we stayed in a very nice lodge for 3 nights and enjoyed the swimming pool. Low season has its advantages.

We did a boat trip in one of the Lakes and saw many hippo’s, marabous’, pelicans and huge crocodiles. We also did a small gamedrive in the nearby park and took almost inaccessible roads, but we know now that nothing is too much for our car. 
0 Comments

    Wybren & Alexander

    Click here to edit.

    Archives

    June 2014
    May 2014
    April 2014
    March 2014
    February 2014
    January 2014

    Categories

    All

Powered by Create your own unique website with customizable templates.